|
Aanwezig: Ferdinand
Thung, Eduard Jacob, Martin Willems, Assefa Negash, Marjolein van
Duijl, Armin Voogt, Joop de Jong (Amsterdam), Frank Kortmann, Pim
van der Krans, Edsel Kwidama, Kesh Kasi, Vincent Artist, Douwe van
der Heijde, Donca Vianu, Agnes Schrier, Jeroen Oomen, Annechien
Limburg-Okken, Mario Braakman, Sita Somers, Hans Rohlof (verslag).
1. Na een voorstelrondje
start de discussie over de literatuur en de uitgangspunten van de
sectie.
Frank Kortmann geeft een korte samenvatting van het artikel van
Kleinman e.a.:
Er zijn vier mythen in de psychiatrie:
- dat de prevalentie van geestesziekten overal gelijk zou zijn,
- dat er een dichotomie is tussen pathogenese en pathoplastiek (biologie
is verantwoordelijk voor de grondstructuur van een stoornis, en
cultuur kleurt de ervaring van die ziekte),
- dat cultuurgebonden stoornissen enkel in de derde wereld voorkomen,
- dat er niet veel gedaan kan worden aan geestesziekten.
Joop de Jong geeft een korte samenvatting van het manifest van Rob
van Dijk e.a.:
Er is een paradigma-wisseling ten aanzien van migranten:
- migranten zijn niet alleen last, ook lust.
- er is een culturele gelijkwaardigheid.
Wel worden als risicogroepen de oudere migranten en de asielzoekers
en vluchtelingen gezien. Gezinshereniging is eveneens een lastige
kwestie.
Als commentaar op het manifest heeft Frank Kortmann gesteld, dat
de culturele gelijkwaardigheid afhankelijk is van de fasen in het
proces: wel bij het vertrouwen leggen, niet bij de diagnostiek en
de behandeling op maat. Verder ziet hij patiënten als belangrijke
informatieverschaffers, niet de algemene kennis over hun cultuur.
Immers, er zijn vele mengculturen.
Ferdinand Thung doet een pleidooi voor vermaatschappelijking van
de psychiatrie. Er is naar zijn idee ook veel meer cultureel divers
onderzoek nodig. De evidence based treatments gelden nu niet voor
groter wordende groepen patiënten.
Armin Voogt vindt dat er al veel gebeurd is. GGZ Nederland doet
nu ook veel moeite om vanuit het Manifest actie te voeren.
Joop de Jong beaamt dat. Er wordt voor 3 jaar 5 miljoen uitgetrokken.
Wel blijft geïntegreerd beleid (ook opleiding en onderzoek) een
zorg. In de jeugdzorg is er veel onderzoek, maar minder verbetering
van de praktijk. Hij ziet de toegenomen protocollisering als gevaar
bij de behandeling van zeer diverse patiënten.
Eduard Jacob meent dat evidence based medicine ook betekent de uit-onderhandelde
best medicine, dus dat het standpunt van de patiënt meegenomen wordt.
Hans Rohlof wijst op het raamplan psychiatrie (de eisen die aan
een opgeleide psychiater worden gesteld) waarin transculturele elementen
een ondergeschikte rol spelen. Hij vindt dat het een taak van de
sectie is daartegen te ageren.
Jeroen Oomen meldt dat ook in de nieuwe GZ-psycholoog-opleiding
sociale kanten sterk onderbelicht worden.
Ferdinand Thung meent dat het divers maken van behandeling de psychiatrie
rijker maakt. De cultuur van de Vereniging zou ook veel rijker kunnen
worden.
2. Het Voorjaarscongres
2003. Het uiteindelijke doel van de expert meeting was om te trachten
de transculturele psychiatrie goed over het voetlicht te krijgen
tijdens het Voorjaarscongres 2003.
Naar aanleiding van een stuk van Mario Braakman over de laatste
stand van zaken ontspint zich een discussie: Ferdinand Thung stelt
dat het congresthema belangrijk is, dat cursussen prioriteit krijgen,
dat de inhoud van de abstract belangrijk is, en dat de wetenschappelijkheid
op de laatste plaats staat. Daarnaast is vertegenwoordiging van
de sectie in de Commissie Wetenschappelijke Activiteiten van belang.
Kesh Kasi meent dat het thema van het congres belangrijk is voor
onze sectie. Joop de Jong vraagt zich af hoe we nieuwe toehoorders
kunnen trekken, hoe we een oratio pro domo kunnen vermijden.
Annechien Limburg-Okken vindt het merkwaardig dat de plenaire sprekers
voornamelijk witte mannen zijn, en een gemiste kans.
Edsel Kwidama is van mening dat het congres nog alle kanten uit
kan gaan: ook genderverschillen of bedrijfsculturen worden belicht.
Agnes Schrier vindt dat er discussiebijeenkomsten moeten komen over
de huidige maatschappij, die vijandig begint te staan tegenover
andere culturen dan de puur Nederlandse.
Mario Braakman meent dat het belangrijkste is dat we inhoudelijk
iets te melden hebben. Vervolgens wordt er een rondje gemaakt van
wat de aanwezigen zouden kunnen brengen aan cursussen, bijblijfsessies,
workshops, symposia. Dit schema wordt op verzoek aan eenieder toegestuurd.
Frank Kortmann verklaart zich bereid alle abstracts voor het Voorjaarscongres
vóór het insturen kritisch door te lezen.
De exacte plannen worden onder de leden van de sectie verspreid.
Word lid: e-mail naar
secretariaat
De deadline zal zijn 14.10.2002. Eenieder wordt verzocht al dan
niet samen met anderen de abstracts zelf te schrijven, en eventueel
na lezing door Frank, naar de Vereniging op te sturen.
|
|